Alphen a/d Rijn | Leidse Schouw 2, 2408 AE |
Barneveld | Koolhovenstraat 11, 3772 MT |
Doorn | Sitiopark 2-4, 3941 PP |
Geldermalsen | De Panoven 29A, 4191 GW |
Nieuwegein | Wattbaan 51-5, 3439 ML |
Zwolle | Schrevenweg 3-9, 8024 HB |
header-image-4.jpg

Branchenieuws non profit

Vrijstelling dividendbelasting stichtingen en verenigingen die niet VPB-plichtig zijn

Vrijstelling dividendbelasting stichtingen en verenigingen die niet VPB-plichtig zijn

In het wetsvoorstel Fiscale Vereenvoudigingswet 2017 staat een interessant voorstel voor wat betreft een inhoudingsvrijstelling dividendbelasting voor o.a. stichtingen en verenigingen die niet zijn onderworpen aan de heffing van VPB.

De tekst luidt als volgt:

Lichamen die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting kunnen de ingehouden dividendbelasting verrekenen met de verschuldigde vennootschapsbelasting. Niet aan de vennootschapsbelasting onderworpen lichamen, zoals pensioenfondsen en vrijgestelde (delen van) overheidsondernemingen, hebben geen mogelijkheid om de ten laste van deze lichamen ingehouden dividendbelasting te verrekenen met verschuldigde vennootschapsbelasting. Voor deze groep opbrengstgerechtigden biedt de Wet op de dividendbelasting 1965 (Wet DB 1965) van oudsher een teruggaafmogelijkheid van de ingehouden dividendbelasting. Met dit wetsvoorstel wordt onder voorwaarden, naast die bestaande teruggaafmogelijkheid, een inhoudingsvrijstelling voor de dividendbelasting geïntroduceerd voor opbrengsten die worden ontvangen door lichamen die (deels) niet aan de vennootschapsbelasting zijn onderworpen (alsmede voor daarmee vergelijkbare buitenlandse lichamen).

Deze inhoudingsvrijstelling wordt geïntroduceerd ter vermindering van de administratieve lasten van opbrengstgerechtigden. Toepassing van de voorgestelde inhoudingsvrijstelling betekent dat bij de uitkering van dividenden of opbrengsten uit winstbewijzen of bepaalde hybride leningen de inhoudingsplichtige geen dividendbelasting hoeft in te houden, waardoor de opbrengstgerechtigde de dividendbelasting niet meer achteraf terug hoeft te vragen. Hiermee wordt het liquiditeitsnadeel voor de opbrengstgerechtigde weggenomen en wordt het rondpompen van liquide middelen teruggedrongen.

Deze wetgeving dient door de Eerste Kamer nog te worden bekrachtigd. Het betekent voor stichtingen en verenigingen die niet VPB-plichtig zijn een interessante administratieve lastenverplichting in 2017. De implementatie van deze wetgeving zullen wij voor u volgen en hier nader over berichten als dit in wetgeving is omgezet.

Bron: Van Ree Accountants  

Ga terug