Vaak wordt gedacht dat vennootschapsbelasting alleen geldt voor bv’s. Maar ook stichtingen, verenigingen en kerken kunnen belastingplichtig zijn. Dat is het geval wanneer zij een onderneming hebben waarmee ze winst maken. Denk bijvoorbeeld aan een stichting die diensten verleent aan niet-leden. Of een vereniging die haar kantine of zalen commercieel verhuurt. Heeft uw organisatie twee jaar op rij een positief resultaat? Beoordeel dan uw vpb-plicht.
De Belastingdienst kijkt niet alleen naar uw organisatie als geheel, maar beoordeelt de vpb-plicht per activiteit. Voorwaarde is wel dat deze activiteiten goed splitsbaar zijn in de administratie. Een voorbeeld van twee afzonderlijke activiteiten bij een kerk zijn kerkelijke activiteiten enerzijds en de commerciële verhuur van zalen anderzijds.
Per activiteit wordt er getoetst aan de drie ondernemingscriteria. Wordt aan deze drie voorwaarden voldaan? Dan is sprake van vpb-plicht.
Aan deze voorwaarde wordt al snel voldaan, wanneer er structureel personeel of vrijwilligers worden ingezet en sprake is van een positief eigen vermogen.
Dit betekent dat er moet worden gehandeld op de economische markt, bijvoorbeeld door het leveren van diensten of producten tegen betaling. Activiteiten die alleen gericht zijn op het behartigen van de algemene belangen van leden voldoen niet aan deze voorwaarde.
Hierbij kijkt de Belastingdienst niet alleen naar de statuten, maar vooral naar de feiten. Heeft u de afgelopen jaren twee jaar op rij winst behaald? Dan kan de Belastingdienst toch vinden dat u een winstoogmerk heeft.
Let op: omdat de Belastingdienst per activiteit kijkt, kan het zo zijn dat uw stichting of vereniging in zijn geheel geen winst maakt, maar dat één activiteit wel winstgevend is. Voor die activiteit kan er dan toch sprake zijn van een vpb-plicht. Mits uiteraard ook aan de andere voorwaarden wordt voldaan.
Ook als er niet aan de drie bovenstaande voorwaarden wordt voldaan, kan uw organisatie nog steeds belastingplichtig zijn. Wanneer u in concurrentie treedt met anderen die wel vennootschapsbelasting betalen, kan uw stichting, vereniging of kerk vereniging alsnog belastingplichtig zijn.
Als er sprake is van een vpb-plicht, moet u aangifte vennootschapsbelasting doen. U moet dan belasting betalen over de fiscale winst van de vpb-plichtige activiteit.
Toch hoeft een vpb-plicht niet altijd te betekenen dat er ook vennootschapsbelasting moet worden betaald. In de wet is namelijk een vrijstelling opgenomen voor kleine winsten. Ook zijn er andere faciliteiten, zoals de fictieve loonkostenaftrek bij inzet van vrijwilligers, die kunnen zorgen voor een lagere fiscale winst.
Wanneer achteraf blijkt dat uw stichting vennootschapsbelasting had moeten betalen, kan de Belastingdienst tot vijf jaar terug alsnog belasting en rente naheffen. Daarom is het belangrijk om tijdig helder te krijgen of u vpb-plichtig bent.
Twijfelt u of uw stichting, vereniging of kerk vennootschapsbelasting moet betalen? Bij Van Ree Finance Consultants helpen wij u graag verder met een VPB-quickscan of een advies op maat.
Blog geschreven naar de stand van zaken op 26 maart 2026.
Joëlle Nobel
Ook bereikbaar via 0343-415940